Jaarrekening

Ondernemer Ando viel als een blok voor de Armeense kaassticks en is er van overtuigd dat hij met deze snack de Europese markt kan veroveren.

 

Ando Arakelov, Che Chil

Jaarrekening

Geconsolideerde balans

Voor verwerking resultaat (bedragen x € 1.000)

Geconsolideerde balans
      2019     2018
Activa            
Materiële vaste activa            
Inventaris 1   29     53  
      29     53
Financiële vaste activa            
Overige effecten en vorderingen 2 t/m 5   30.370     32.384  
      30.370     32.384
Vlottende activa            
Vorderingen en overlopende activa 6   3.345     2.737  
Liquide middelen 7   26.848     32.028  
      30.193     34.765
Totaal activa     60.592     67.202
             
Passiva            
Groepsvermogen 8     54.355     59.605
             
Voorzieningen 9     86     93
             
Langlopende schulden 10     3.652     -
             
Kortlopende schulden 11     2.499     7.504
             
Totaal passiva     60.592     67.202

Geconsolideerde winst- en verliesrekening

Geconsolideerde winst- en verliesrekening
      2019     2018
Investeren            
Opbrengsten            
Rente- en provisiebaten 12 1.867     3.924    
Ontvangen dividenden 13 817     2.829    
Opbrengst commissariaten 14 17     50    
Resultaat verkopen            
participaties 15 1.543     839    
Projectmanagement -     170    
Beheer fondsen 16 1.870     1.680    
Saldo van de vrijval/dotatie van de            
voorziening voor financiële vaste activa 17 ‑7.677     ‑5.163    
    ‑1.563     4.329  
Kosten            
Personeelskosten 24 2.864     2.637    
Overige kosten 25 823     1.030    
    3.687     3.667  
Resultaat Investeren     ‑5.250     662
             
Ontwikkelen            
Opbrengsten / vergoedingen            
Ministerie van EZK 18 1.068     1.039    
Additionele financiering 19 -     -    
Bijdrage Provincies 20 1.899     1.992    
Bijdrage acquisitie Gemeenten 21 63     48    
Opbrengst Detachering 22 51     64    
Diensten aan derden 23 -     6    
    3.081     3.149  
Kosten            
Personeelskosten 24 2.137     2.086    
Overige kosten 25 944     1.063    
    3.081     3.149  
Resultaat Ontwikkelen     -     -
             
Resultaat vóór belastingen     ‑5.250     662
Belastingen 26     -     -
Resultaat na belastingen     ‑5.250     662

Geconsolideerd kasstroomoverzicht

Geconsolideerd kasstroomoverzicht
      2019     2018
Kasstroom uit operationele activiteiten            
Resultaat na belastingen   ‑5.250     662  
Aanpassingen voor:            
Afschrijvingen materiële vaste activa 23     23    
Resultaat verkopen participaties ‑874     ‑839    
Mutatie voorzieningen ‑6     2    
Mutatie overige effecten 4.984     2.399    
Verandering in werkkapitaal:            
Mutatie vorderingen ‑608     ‑576    
Mutatie langlopende schulden 3.652     -    
Mutatie kortlopende schulden ‑5.006     1.347    
    2.165     2.356  
Kasstroom uit bedrijfsoperaties     ‑3.085     3.018
             
Kasstroom uit investeringsactiviteiten            
Investeringen in participaties ‑10.883     ‑9.699    
Investeringen in duurzame activa -     -    
Ontvangsten inzake de verkoop van            
participaties en aflossing leningen 8.788     2.863    
    ‑2.095     ‑6.836  
      ‑2.095     ‑6.836
Kasstroom uit financieringsactiviteiten            
Betaald dividend   -     -  
      -     -
             
Netto kasstroom     ‑5.180     ‑3.818
             
Saldo liquide middelen begin boekjaar     32.028     35.846
Saldo liquide middelen einde boekjaar     26.848     32.028
             
Mutatie liquide middelen     ‑5.180     ‑3.818

Toelichting behorende bij de geconsolideerde jaarrekening 2019

Algemeen

De Noordelijke Ontwikkelings- en Investeringsmaatschappij, gevestigd te Groningen aan de Paterswoldseweg 810 en ingeschreven in het handelsregister onder nummer 02032331, is een naamloze vennootschap, waarvan de aandelen voor 50% in het bezit zijn van de Staat der Nederlanden. De resterende 50% is ieder evenredig in het bezit van de provincies Groningen, Fryslân en Drenthe.

Uitgangspunt bij participatie door de N.V. NOM Investerings- en Ontwikkelingsmaatschappij voor Noord-Nederland en haar dochters Venture Kapitaal Fonds III, Drentse Participatiemaatschappij, Participatiemaatschappij  Ondernemend Groningen (statutair gevestigd te Groningen) in ondernemingen, is het in principe tijdelijk verstrekken van risicodragend kapitaal met als doel nieuwe activiteiten op te starten of bestaande activiteiten te versterken. Behoudens bijzondere omstandigheden wordt daarbij gestreefd naar minderheidsbelangen.

Verslagleggingsperiode

Deze jaarrekening is opgesteld uitgaande van een verslaggevingsperiode van een kalenderjaar.

Toegepaste standaarden

De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de stellige uitspraken van de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving, die uitgegeven zijn door de Raad voor de Jaarverslaggeving. Ter verbetering van het inzicht zoals bedoeld in art. 2:362 lid 4 BW en gelet op het specifieke karakter van N.V. NOM is voor een aantal posten in de winst- en verliesrekening afgeweken  van het Besluit Modellen Jaarrekening (BMJ) en bevat de winst- en verliesrekening opbrengsten en kosten onderverdeeld naar financieringsbedrijf en ontwikkelingsbedrijf. Tevens is voor die posten een benaming gehanteerd die de inhoud van de post beter weergeeft. De vennootschappelijke winst- en verliesrekening is opgesteld met inachtneming van art. 2:402 BW.

De grondslagen die worden toegepast voor de waardering van activa en passiva en de resultaatbepaling zijn gebaseerd op historische kosten.

Vergelijking met voorgaand jaar

De gehanteerde grondslagen van waardering en van resultaatbepaling zijn ongewijzigd ten opzichte van het voorgaande jaar.

Stelselwijziging

Er hebben zich in 2019 geen stelselwijzigingen voorgedaan.

Schattingswijziging

Er hebben zich in 2019 geen schattingswijzigingen voorgedaan.

Continuïteit

Deze jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling.

Groepsverhoudingen

De N.V. NOM behoort tot de NOM-groep. Aan het hoofd van deze groep staat N.V. NOM te Groningen.
De jaarrekening van de N.V. NOM is opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening van N.V. NOM te Groningen.

Verbonden partijen

Als verbonden partij worden alle rechtspersonen aangemerkt waarover overheersende zeggenschap, gezamenlijke zeggenschap of invloed van betekenis kan worden uitgeoefend. Ook rechtspersonen die overwegende zeggenschap kunnen uitoefenen worden aangemerkt als verbonden partij. Ook de statutaire directieleden, andere sleutelfunctionarissen in het management van N.V. NOM of de moedermaatschappij van N.V. NOM en nauwe verwanten zijn verbonden partijen.

Transacties van betekenis met verbonden partijen worden toegelicht voor zover deze niet onder normale marktvoorwaarden zijn aangegaan. Hiervan wordt toegelicht de aard en de omvang van de transactie en andere informatie die nodig is voor het verschaffen van het inzicht.

Grondslagen voor waardering

Activa en verplichtingen worden in het algemeen gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs of de actuele waarde. Indien geen specifieke waarderingsgrondslag is vermeld vindt waardering plaats tegen de verkrijgingsprijs. In de balans, de winst- en verliesrekening en het kasstroomoverzicht zijn referenties opgenomen. Met deze referenties wordt verwezen naar de toelichting.

Een actief wordt in de balans opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen naar de onderneming zullen toevloeien en de waarde daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld. Een verplichting wordt in de balans opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de afwikkeling daarvan gepaard zal gaan met een uitstroom van middelen die economische voordelen in zich bergen en de omvang van het bedrag daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld.

Baten worden in de winst- en verliesrekening opgenomen wanneer een vermeerdering van het economisch potentieel, samenhangend met een vermeerdering van een actief of een vermindering van een verplichting, heeft plaatsgevonden, waarvan de omvang betrouwbaar kan worden vastgesteld. Lasten worden verwerkt wanneer een vermindering van het economisch potentieel, samenhangend met een vermindering van een actief of een vermeerdering van een verplichting, heeft plaatsgevonden, waarvan de omvang betrouwbaar kan worden vastgesteld.

Indien een transactie ertoe leidt dat nagenoeg alle of alle toekomstige economische voordelen en alle of nagenoeg alle risico’s met betrekking tot een actief of verplichting aan een derde zijn overgedragen, wordt het actief of de verplichting niet langer in de balans opgenomen. Verder worden activa en verplichtingen niet meer in de balans opgenomen vanaf het tijdstip waarop niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden van waarschijnlijkheid van de toekomstige economische voordelen en betrouwbaarheid van de bepaling van de waarde.

De opbrengsten en kosten worden toegerekend aan de periode waarop zij betrekking hebben. Opbrengsten uit verkoop van participaties worden verantwoord indien alle belangrijke risico’s met betrekking tot de participaties zijn overgedragen aan de koper.

De jaarrekening wordt gepresenteerd in euro’s, de functionele valuta van de onderneming. Alle financiële informatie in euro’s is afgerond op het dichtstbijzijnde duizendtal.

De opstelling van de jaarrekening vereist dat het management oordelen vormt en schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van de grondslagen en de gerapporteerde waarde van activa en verplichtingen, en van baten en lasten. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen.

De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend beoordeeld. Herzieningen van schattingen worden opgenomen in de periode waarin de schatting wordt herzien en in de toekomstige perioden waarvoor de herziening gevolgen heeft.

Grondslagen voor consolidatie

De geconsolideerde jaarrekening omvat de financiële gegevens van de onderneming en haar groepsmaatschappijen en andere rechtspersonen waarop overheersende zeggenschap kan worden uitgeoefend, dan wel waarover de centrale leiding bestaat. Groepsmaatschappijen zijn deelnemingen waarin de onderneming een meerderheidsbelang heeft, of waarin op een andere wijze een beleidsbepalende invloed kan worden uitgeoefend. Bij de bepaling of beleidsbepalende invloed kan worden uitgeoefend, worden financiële instrumenten die potentiële stemrechten bevatten en direct kunnen worden uitgeoefend, betrokken. Participaties die worden aangehouden om te vervreemden en/of voldoen aan de consolidatievrijstelling zoals bedoeld in artikel 407 Titel 9 boek 2 BW worden niet geconsolideerd.

Nieuw verworven deelnemingen worden in de consolidatie betrokken vanaf het tijdstip waarop beleidsbepalende invloed kan worden uitgeoefend. Afgestoten deelnemingen worden in de consolidatie betrokken tot het tijdstip van beëindiging van deze invloed.

In de geconsolideerde jaarrekening zijn de onderlinge schulden, vorderingen en transacties geëlimineerd, evenals de binnen de Groep gemaakte winsten. De groepsmaatschappijen zijn integraal geconsolideerd, waarbij het minderheidsbelang van derden afzonderlijk tot uitdrukking is gebracht.

Intercompany-transacties, intercompany-winsten en onderlinge vorderingen en schulden tussen groepsmaatschappijen en andere in de consolidatie opgenomen rechtspersonen worden geëlimineerd, voor zover de resultaten niet door transacties met derden buiten de Groep zijn gerealiseerd. Ongerealiseerde verliezen op intercompany-transacties worden ook geëlimineerd tenzij er sprake is van een bijzondere waardevermindering. Waarderingsgrondslagen van groepsmaatschappijen en andere in de consolidatie opgenomen rechtspersonen zijn waar nodig gewijzigd om aansluiting te krijgen bij de geldende waarderingsgrondslagen voor de Groep.

Geconsolideerde deelnemingen % Plaats
Venture Kapitaal Fonds III B.V. 100 % Groningen
B.V. Drentse Participatie Maatschappij 100 % Groningen
Participatiemaatschappij Ondernemend Groningen B.V. 100 % Groningen
InnovatieFonds Noord-Nederland (consolidatie tot 30 juni 2016) 100 % Groningen

Tabel: Geconsolideerde deelnemingen

NV NOM is statutair directeur van de Friese Ontwikkelingsmaatschappij B.V. (voorheen Doefonds Fryslân), Drentse Holding B.V., Investeringsfonds Groningen B.V., Groeifonds B.V., InnovatieFonds Noord-Nederland (IFNN) en A&RDF B.V.. Aangezien de NOM geen beleidsbepalende invloed heeft worden deze niet meegeconsolideerd. Het IFNN en A&RDF B.V. betreffen een 100% deelneming van de N.V. NOM en omdat de N.V. NOM geen beleidsbepalende invloed heeft worden het IFNN en A&RDF B.V. niet meegeconsolideerd in de financiële cijfers van de NOM, maar als deelneming verantwoord.

Grondslagen voor omrekening vreemde valuta

Transacties in vreemde valuta
Transacties luidend in vreemde valuta worden in de betreffende functionele valuta van de groepsmaatschappijen omgerekend tegen de geldende wisselkoers op de transactiedatum. In vreemde valuta luidende monetaire activa en verplichtingen worden per balansdatum in de functionele valuta omgerekend tegen de op die datum geldende wisselkoers. Niet-monetaire activa en passiva in vreemde valuta’s die tegen historische kostprijs worden opgenomen, worden naar euro’s omgerekend tegen de geldende wisselkoersen per transactiedatum. De bij omrekening optredende valutakoersverschillen worden als last in de winst- en verliesrekening opgenomen.

Grondslagen voor waardering

Materiële vaste activa
De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs inclusief direct toerekenbare kosten, onder aftrek van lineaire afschrijvingen gedurende de verwachte toekomstige gebruiksduur en bijzondere waardeverminderingen.

Subsidies op investeringen worden in mindering gebracht op de verkrijgings- of vervaardingsprijs van de activa waarop de subsidies betrekking hebben.

Financiële vaste activa
De overige effecten bestaan uit participaties, vorderingen op participaties en overige leningen. Aandelenparticipaties worden gewaardeerd tegen kostprijs of lagere marktwaarde, onder aftrek van voorzieningen die worden gevormd als de situatie bij de betrokken ondernemingen daartoe aanleiding geeft. Deze waardering tegen kostprijs heeft tot gevolg dat waardestijgingen van participaties niet in de cijfers tot uitdrukking komen. Om een nader inzicht te geven in de verandering van de waarde van de participatieportefeuille wordt in de toelichting op de balans de benaderde marktwaarde vermeld. De benaderde marktwaarde is de beste inschatting die de NOM maakt van een mogelijke transactieprijs in een vrije markt onder de gegeven omstandigheden van de betreffende participatie. Voor aandelenparticipaties geldt een concrete exit-strategie.

De benaderde marktwaarde van de aandelenparticipaties komt tot stand middels het portefeuillebeheermodel (Fista). Middels Fista wordt een cijfermatige benadering van de marktwaarde gevolgd en is sprake van meerdere financiële waarderingsmethodieken. Het model sluit  zoveel mogelijk aan op de uitgangspunten van de IPEV (International Private Equity and Venture Capital) echter omdat de portefeuille voor een groot deel bestaat uit start ups  en bedrijven in ontwikkeling wijken wij daar waar nodig af van deze richtlijn, passend bij de doelgroep. De waardering vindt plaats op basis van de meest objectief mogelijke inschatting (zoals recente transacties). Indien de informatie niet voorhanden is, vindt de waardering plaats op basis van een multiple-benadering, dan wel op basis van intrinsieke waarde van de participaties. De keuze en hoogte van de multiple is gebaseerd op basis van de beste inschatting van het management. Een aanpassing in de keuze en omvang van de multiple kan leiden tot een (materiële) afwijking van de benaderde marktwaarde. De waardering komt gestandaardiseerd en consistent tot stand.

Wanneer er sprake is van een participatie in een beursgenoteerde onderneming, dan worden deze bij eerste waardering  tegen kostprijs verantwoord. Na eerste verwerking worden deze verwerkt tegen de reële waarde. Indien noodzakelijk wordt bij de waardering tegen de reële waarde een afslag op de beurskoers gehanteerd vanwege illiquiditeit van de aandelen. Deze afslag wordt naar beste inschatting van het management bepaald.

De leningen betreffen zowel leningen aan participaties als leningen aan ondernemingen waarin de NOM niet participeert. Het betreft hier, behoudens uitzonderingsgevallen, (converteerbare) achtergestelde leningen. De onder financiële vaste activa opgenomen vorderingen worden initieel gewaardeerd tegen de reële waarde onder aftrek van transactiekosten (indien materieel). Vervolgens worden deze vorderingen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs. Bij de waardering wordt rekening gehouden met eventuele waardeverminderingen.

Deelnemingen waarin invloed van betekenis op het zakelijke en financiële beleid kan worden uitgeoefend, worden gewaardeerd volgens de vermogensmutatiemethode op basis van de nettovermogenswaarde. Bij de bepaling van de nettovermogenswaarde worden de waarderingsgrondslagen van de N.V. NOM gehanteerd. Deelnemingen met een negatieve nettovermogenswaarde worden op nihil gewaardeerd. Wanneer de onderneming garant staat voor de schulden van de betreffende deelneming wordt een voorziening gevormd.

De eerste waardering van gekochte deelnemingen is gebaseerd op de reële waarde van de identificeerbare activa en passiva op het moment van acquisitie. Voor de vervolgwaardering worden de grondslagen toegepast die gelden voor deze jaarrekening, uitgaande van de waarden bij eerste waardering.

Voorzieningen financiële vaste activa
Voorziening participaties, leningen aan participaties en overige leningen
Vaste activa met een lange levensduur dienen te worden beoordeeld op bijzondere waardeverminderingen wanneer wijzigingen of omstandigheden zich voordoen die doen vermoeden dat de boekwaarde van een actief niet terugverdiend zal worden. De terugverdienmogelijkheid van activa die in gebruik zijn, wordt bepaald op basis van een beoordeling van de resultaten in het verleden, de te verwachten toekomstige resultaten, het management, de organisatie, de uniekheid van het product en/of de productontwikkeling, de marktpositie en de ontwikkelingen in deze.

Wanneer de boekwaarde van een actief naar verwachting niet terugverdiend kan worden, zal er een voorziening worden gevormd voor het verschil tussen de boekwaarde en de te verwachten realiseerbare waarde.

Voorziening deelnemingen
De voorziening deelnemingen wordt primair ten laste van de vorderingen op deze deelneming gevormd en voor het overige onder de voorzieningen ter grootte van het aandeel in de door de deelneming geleden verliezen, dan wel voor de verwachte betalingen door de onderneming ten behoeve van deze deelneming.

Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa
De vennootschap beoordeelt op iedere balansdatum of er aanwijzingen zijn dat een vast actief aan een bijzondere waardevermindering onderhevig kan zijn. Indien dergelijke indicaties aanwezig zijn, wordt de realiseerbare waarde van het actief vastgesteld. Indien het niet mogelijk is de realiseerbare waarde voor het individuele actief te bepalen, wordt de realiseerbare waarde bepaald van de kasstroomgenererende eenheid waartoe het actief behoort.

Vorderingen
Vorderingen worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen de reële waarde van de tegenprestatie. Vorderingen worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Als de ontvangst van de vordering is uitgesteld op grond van een verlengde overeengekomen betalingstermijn wordt de reële waarde bepaald aan de hand van de contante waarde van de verwachte ontvangsten en worden er op basis van de effectieve rente rente-inkomsten ten gunste van de winst- en verliesrekening gebracht. Voorzieningen wegens oninbaarheid worden in mindering gebracht op de boekwaarde van de vordering.

Projecten
Projecten met meerdere deelnemers, die de NOM als subsidieaanvrager coördineert, worden in de balans verantwoord. De balanspost is het saldo van de gemaakte projectkosten en de ontvangen bijdragen. Personele kosten die subsidiabel zijn worden aan het project toegerekend en in mindering gebracht op de personele kosten van de NOM. Een eventuele eigen bijdrage van de NOM wordt ten laste van het resultaat gebracht. Indien ultimo het boekjaar de projectkosten hoger zijn dan de ontvangen bijdragen, wordt het saldo gepresenteerd onder overige vorderingen. Indien de ontvangen bijdragen hoger zijn dan de projectkosten, wordt het saldo onder kortlopende schulden gepresenteerd.

Kosten en opbrengsten met betrekking tot op projectbasis gefinancierde werkzaamheden van de NOM, die op verzoek van derden worden uitgevoerd, worden in de winst- en verliesrekening verantwoord.

Liquide middelen
Liquide middelen bestaan uit kas, banktegoeden en (direct opeisbare) deposito’s met een looptijd korter dan één jaar. Rekening-courantschulden bij banken zijn opgenomen onder schulden aan kredietinstellingen onder kortlopende schulden. Liquide middelen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Voorzieningen
Voorzieningen worden gewaardeerd tegen, hetzij de nominale waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen en verliezen af te wikkelen, hetzij de contante waarde van die uitgaven.

Een voorziening wordt in de balans opgenomen, wanneer er sprake is van:
•    een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting die het gevolg is van een gebeurtenis in het verleden; en
•    waarvan een betrouwbare schatting kan worden gemaakt; en
•    het waarschijnlijk is dat voor afwikkeling van die verplichting een uitstroom van middelen nodig is.

Schulden
Schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Transactiekosten die direct zijn toe te rekenen aan de verwerving van de schulden worden in de waardering bij eerste verwerking opgenomen. Schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, zijnde het ontvangen bedrag rekening houdend met agio of disagio en onder aftrek van transactiekosten.
Het verschil tussen de bepaalde boekwaarde en de uiteindelijke aflossingswaarde wordt op basis van de effectieve rente gedurende de geschatte looptijd van de schulden in de winst- en verliesrekening als interestlast verwerkt.

Grondslagen voor resultaatbepaling

Opbrengstverantwoording
Opbrengsten worden alleen verantwoord als er een redelijke zekerheid bestaat dat toekomstige voordelen naar de onderneming zullen toevloeien en dat deze voordelen betrouwbaar kunnen worden geschat.

Rente- en provisiebaten
Rentebaten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de betreffende activa. De rentebaten worden alleen verantwoord indien het waarschijnlijk is dat de economische voordelen met betrekking tot de transactie naar de onderneming zullen toevloeien.

Dividenden
Dividenden van niet op vermogenswaarde gewaardeerde deelnemingen worden verantwoord in het jaar waarin het recht op het dividend ontstaat.

Verkoop van participaties
Opbrengsten uit de verkoop van participaties worden opgenomen in de opbrengsten tegen de reële waarde van de ontvangen of te ontvangen vergoeding, na aftrek van de boekwaarde van de participatie. Opbrengsten uit de verkoop van participaties worden in de winst- en verliesrekening verwerkt wanneer de belangrijkste risico’s en voordelen van eigendom aan de koper zijn overgedragen, de inning van de verschuldigde vergoeding waarschijnlijk is, de hiermee verband houdende kosten betrouwbaar kunnen worden ingeschat en er geen sprake is van aanhoudende managementbetrokkenheid bij de participaties.

De overdracht van risico’s en voordelen varieert naargelang de voorwaarden van de betreffende verkoopovereenkomst.

Diensten
Opbrengsten van verleende diensten worden in de winst- en verliesrekening als netto-omzet opgenomen naar rato van het stadium van voltooiing van de transactie op verslagdatum.
Het stadium van voltooiing wordt bepaald aan de hand van beoordelingen van de verrichte werkzaamheden. De opbrengsten van diensten worden verantwoord in het jaar waarin zij zijn verricht.

Overheidssubsidies
Overheidssubsidies worden aanvankelijk in de balans opgenomen als vooruit ontvangen baten zodra er redelijke zekerheid bestaat dat zij zullen worden ontvangen en dat zal worden voldaan aan de daaraan verbonden voorwaarden. Subsidies ter compensatie van gemaakte kosten worden systematisch als opbrengsten in de winst- en verliesrekening opgenomen in dezelfde periode als die waarin de kosten worden gemaakt.

Projectfinanciering
De opbrengsten van op projectbasis gefinancierde projecten worden in de winst- en verliesrekening opgenomen in de periode waar de opbrengsten betrekking op hebben.

Opbrengst detachering
Detacheringsopbrengsten worden systematisch als netto-omzet in de winst- en verliesrekening opgenomen in dezelfde periode als die waarin de kosten worden gemaakt.

Resultaat deelneming
De resultaten van deelnemingen die gedurende het boekjaar zijn verworven of afgestoten, worden vanaf het verwervingsmoment respectievelijk tot het moment van afstoting verwerkt in het resultaat.

Het resultaat is het bedrag waarmee de boekwaarde van de deelneming sinds de voorafgaande jaarrekening is gewijzigd als gevolg van het door de deelneming behaalde resultaat voor zover dit aan N.V. NOM wordt toegerekend.

Kosten
De kosten worden verantwoord in het jaar waarop zij betrekking hebben.

Saldo dotaties aan de voorziening voor financiële vaste activa
Verliezen bij afstoting van participaties of bij oninbaarheid van leningen worden afgeboekt op de daarvoor gevormde voorziening. Toevoegingen aan deze voorziening komen ten laste van het resultaat van het Financieringsbedrijf.

Rentelasten
Rentelasten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de betreffende passiva. Bij de verwerking van de rentelasten wordt rekening gehouden met de verantwoorde transactiekosten op de ontvangen leningen die als onderdeel van de berekening van de effectieve rente worden meegenomen.

Personeelsbeloningen
Lonen, salarissen en sociale lasten worden op grond van de arbeidsvoorwaarden verwerkt in de winst-en-verliesrekening voor zover ze verschuldigd zijn aan werknemers.

Pensioenen
Toegekende pensioenaanspraken zijn gebaseerd op het salaris van de werknemer, onder aftrek van een AOW-franchise, rekening houdend met de leeftijd van een werknemer. Jaarlijks wordt geïndexeerd op basis van de consumentenprijsindex, met een maximum van 1,5%.

Toegekende pensioenaanspraken worden door middel van periodieke premiebetaling aan de pensioenverzekeraar af gefinancierd. Uitgangspunt is dat de in de verslagperiode te verwerken pensioenlast gelijk is aan de over die periode aan de pensioenverzekeraar verschuldigde pensioenpremies. Voor zover de verschuldigde premies op balansdatum nog niet zijn voldaan, wordt hiervoor een verplichting opgenomen. Als de op balansdatum reeds betaalde premies de verschuldigde premies overtreffen, wordt een overlopende actiefpost opgenomen voor zover sprake zal zijn van terugbetaling door de verzekeraar of van verrekening met in de toekomst verschuldigde premies. Naast de premiebetalingen bestaan er geen andere verplichtingen.

Afschrijvingen op materiële vaste activa
Afschrijvingskosten vormen geen aparte regel in de winst-en-verliesrekening. Deze kosten zijn opgenomen in een ander onderdeel van de winst-en-verliesrekening, te weten algemene kosten. Voor inventaris wordt een afschrijvingspercentage van 20% per jaar gehanteerd. Voor een nadere specificatie worden verwezen naar de betreffende toelichting.

Belastingen
De belasting over het resultaat wordt berekend over het resultaat voor belastingen in de winst-en-verliesrekening, rekening houdend met beschikbare, fiscaal compensabele verliezen uit voorgaande boekjaren (voor zover niet opgenomen in de latente belastingvorderingen) en vrijgestelde winstbestanddelen en na bijtelling van niet-aftrekbare kosten. Tevens wordt rekening gehouden met wijzigingen die optreden in de latente belastingvorderingen en latente belastingschulden uit hoofde van wijzigingen in het te hanteren belastingtarief.

De opbrengsten uit participaties zijn voor de NOM geen opbrengsten waarover btw moet worden voldaan. Dit geldt ook voor het ontvangen van rente op leningen. Ten aanzien van vergoedingen die de NOM ontvangt voor het beheer van investeringsfondsen (voorzover er sprake is van niet ter gemeenschappelijke belegging bijeengebracht vermogen) is de NOM wel btw verschuldigd en wordt overeenkomstig gefactureerd aan de fondsen.

De vennootschap (en haar dochters) zijn met ingang van 1 januari 2016 op grond van de 'Wet modernisering Vpb-plicht overheidsondernemingen' belastingplichtig geworden voor de Vennootschapsbelasting.

Grondslagen voor het kasstroomoverzicht

Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode. De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht bestaan uit de liquide middelen, met uitzondering van deposito’s met een looptijd langer dan drie maanden. Kasstromen in vreemde valuta zijn omgerekend tegen een geschatte gemiddelde koers. Koersverschillen op geldmiddelen worden afzonderlijk in het kasstroomoverzicht getoond. Ontvangsten en uitgaven uit hoofde van interest, ontvangen dividenden en winstbelastingen zijn opgenomen onder de kasstroom uit operationele activiteiten. Betaalde dividenden zijn opgenomen onder de kasstroom uit financieringsactiviteiten. De verkrijgingsprijs van de verworven groepsmaatschappij is opgenomen onder de kasstroom uit investeringsactiviteiten, voor zover betaling in geld heeft plaatsgevonden. De geldmiddelen die in de verworven groepsmaatschappij aanwezig zijn, zijn op de aankoopprijs in mindering gebracht. Transacties waarbij geen instroom of uitstroom van kasmiddelen plaatsvindt, waaronder financiële leasing, zijn niet in het kasstroomoverzicht opgenomen. De waarde van de gerelateerde activa en leaseverplichting zijn in de toelichting van balansposten verantwoord.  

Bepaling actuele waarde
Een aantal grondslagen en de toelichtingen in de jaarrekening vereisen de bepaling van de actuele waarde van zowel financiële als niet-financiële activa en verplichtingen. Ten behoeve van waardering en informatieverschaffing is de actuele waarde op basis van diverse methoden bepaald. Indien van toepassing wordt nadere informatie over de uitgangspunten voor de bepaling van de actuele waarde vermeld bij het onderdeel van deze toelichting dat specifiek op het betreffende actief of de betreffende verplichting van toepassing is.

Toelichting op geconsolideerde balans

Voor verwerking resultaat

Bedragen x € 1.000

Materiële vaste activa

1. Materiële vaste activa

De mutaties in de materiële vaste activa worden als volgt weergegeven:

1. Materiële vaste activa
Activa     2019     2018
Stand per 1 januari            
Verkrijgingsprijs   146     146  
Cum. waardeverminderingen            
en afschrijvingen   ‑93     ‑70  
Boekwaarden     53     76
             
Mutaties            
Investeringen   -     -  
Desinvesteringen   -     -  
Afschrijvingen materiële vaste activa   ‑24     ‑24  
Afschrijvingen desinvesteringen   -     -  
      ‑24     ‑24
Stand per 31 december            
Verkrijgingsprijs   146     146  
Cum. waardeverminderingen            
en afschrijvingen   ‑117     ‑93  
Boekwaarden     29     53

Financiële vaste activa

2. Participaties

Het verloop van de participaties was als volgt:

2. Participaties
        2019     2018
  Verkrijgingswaarde            
  per 1 januari     32.427     37.937
Bij: Nieuwe participaties 1.831     788    
  Omzetting leningen            
  naar participaties -     -    
  Uitbreidingen / conversies 7.681     814    
      9.512     1.602  
Af: Faillissementen /            
  liquidaties ‑5.854     ‑6.943    
  Afgestoten participaties ‑1.214     ‑169    
      ‑7.068     ‑7.112  
               
Af: Deconsolidatie IFNN -     -    
      -     -  
        2.444     ‑5.510
  Nominaal bedrag            
  per 31 december     34.871     32.427
Af: Voorziening     ‑14.819     ‑14.648
        20.052     17.779

De benaderde marktwaarde (BMW) van de participaties bedroeg ultimo 2019 circa € 68 miljoen (2018: € 52 miljoen).

De BMW is gebaseerd op de beste schattingen en aannames in relatie tot de participaties door het management, zoals ook toegelicht onder waarderingsgrondslagen – Financiële Vaste Activa. Deze inschatting komt jaarlijks consistent en gestandaardiseerd tot stand. Gelet op de aard van de bedrijven waar de NOM in investeert, is de onzekerheid in de schattingen en aannames dermate groot, dat dit een materiële invloed kan hebben op de hier gepresenteerde BMW. De hoogte van de BMW kan jaarlijks aan (aanzienlijke) veranderingen onderhevig zijn en bij vervreemding kan de werkelijke uitkomst daarmee afwijken van deze schattingen en aannames. Voor een  aanzienlijk deel van de BMW is waardering onzeker vanwege het beperkt kunnen benchmarken van de gehanteerde multiples,  zodat bij een mogelijke vervreemding een significant andere waarde kan voorkomen. Gekozen assumpties zijn onderhevig aan significante schattingen en daarmee zou men kunnen concluderen dat de BMW zeer waarschijnlijk afwijkt van de reële waarde op het moment van vervreemding van de participatie.

Het verloop van de voorziening op de participaties was als volgt:

        2019     2018
  Voorziening per 1 januari     14.648     20.224
Bij: Vrijval/dotatie t.l.v. resultaat            
  i.v.m. waardeveranderingen 6.443     1.367    
      6.443     1.367  
Af: Vrijval door desinvestering /            
  afboekingen / faillissementen ‑6.272     ‑6.943    
      ‑6.272     ‑6.943  
        171     ‑5.576
  Voorziening per 31 december     14.819     14.648

3. Vorderingen op participaties

Dit betreffen (converteerbare) achtergestelde leningen verstrekt in combinatie met een participatie in het aandelenkapitaal.

3. Vorderingen op participaties
        2019     2018
  Nominaal bedrag            
  per 1 januari     18.577     16.412
Bij: Nieuwe leningen 5.795     5.704    
  Uitbreiding leningen 1.025     1.571    
  Herstel gecorrigeerde rente            
  voorgaande jaren 385     822    
  Bijgeschreven rente 703     426    
      7.908     8.523  
Af: Aflossingen ‑2.848     ‑1.437    
  Omzetting lening            
  naar Aanjaagfonds ‑60     -    
  Ontvangen rente            
  voorgaande jaren ‑272     -    
  Conversie ‑4.678     -    
  Afboekingen /            
  faillissementen ‑4.236     ‑4.921    
      ‑12.094     ‑6.358  
        ‑4.186     2.165
  Nominaal bedrag            
  per 31 december     14.391     18.577
Af: Voorziening     ‑7.439     ‑9.780
        6.952     8.797

De gemiddelde looptijd van een (converteerbare achtergestelde) lening u/g bedraagt bij het aangaan van de financieringsovereenkomst zes jaar waarvan één jaar aflossingsvrij. Bij converteerbare achtergestelde leningen u/g kan onder voorwaarden (bij achterstanden in rente- en aflossingsverplichtingen of anderszins) worden geconverteerd in aandelenkapitaal tegen een aandelenprijs gebaseerd op de nominale koers, tegen de transactiekoers of gebaseerd op actuele marktwaarde. Bij geen van de achtergestelde leningen u/g met een conversie-optie bestaat per balansdatum de mogelijkheid om te converteren.

Het verloop van de voorziening op de vorderingen op participaties was als volgt:

        2019     2018
  Voorziening per 1 januari     9.780     9.675
Bij: Vrijval/dotatie t.l.v. resultaat i.v.m.            
  waardeveranderingen 1.511     4.204    
      1.511     4.204  
Af: Vrijval door desinvestering / afboekingen            
  /faillissementen ‑4.237     ‑4.921    
Bij: Herstel gecorrigeerde voorziening            
  voorgaande jaren 385     822    
      ‑3.852     ‑4.099  
        ‑2.341     105
  Voorziening            
  per 31 december     7.439     9.780

4. Overige leningen u/g

Dit betreft (achtergestelde) leningen aan bedrijven waarin de NOM niet participeert in het aandelenkapitaal.

4. Overige leningen u/g
        2019     2018
  Nominaal bedrag per            
  1 januari     10.071     6.563
Bij: Nieuwe leningen -     -    
  Uitbreiding leningen -     -    
  Herstel gecorrigeerde rente            
  voorgaande jaren 3.290     1.221    
  Bijgeschreven rente 617     2.287    
      3.907     3.508  
Af: Aflossingen ‑3.421     -    
  Conversie            
  Afboekingen /            
  faillissementen ‑9.681     -    
      ‑13.102      -  
        ‑9.195     3.508
  Saldo per 31 december     876     10.071
Af: Voorziening     -     ‑6.650
        876     3.421

Het verloop van de voorziening op de overige leningen u/g was als volgt:

        2019     2018
  Voorziening per 1 januari     6.650     6.338
Bij: Vrijval/dotatie t.l.v. resultaat i.v.m.            
  waardeveranderingen ‑872     ‑909    
      ‑872     ‑909  
Af: Vrijval door desinvestering / afboekingen            
  / faillissementen ‑9.681     -    
Bij: Herstel gecorrigeerde voorziening            
  voorgaande jaren 3.903     1.221    
      ‑5778     1.221  
        ‑6.650     312
  Saldo per 31 december     -     6.650

5. Aanjaagfonds

Dit betreffen achtergestelde leningen aan bedrijven met een maximum van € 200.000

5. Aanjaagfonds
        2019     2018
  Nominaal bedrag per 1 januari     3.886     3.541
Bij: Nieuwe leningen 1.029     345    
  Omboeking leningen 60     75    
  Uitbreiding leningen 455     478    
  Bijgeschreven rente 51     51    
      1.595     949  
Af: Aflossingen ‑553     ‑393    
  Omzetting leningen            
  naar participaties ‑346     -    
  Afboekingen /            
  faillissementen ‑391     ‑211    
      ‑1.290     ‑604  
        305     345
  Saldo per 31 december     4.191     3.886
Af: Voorziening     ‑1.701     ‑1.498
        2.490     2.388

Het verloop van de voorziening op het Aanjaagfonds was als volgt:

        2019     2018
  Voorziening per 1 januari     1.498     1.116
Bij: Dotatie t.l.v. resultaat i.v.m.            
  waardeveranderingen 594     593    
      594     593  
Af: Vrijval door            
  desinvesteringen /            
  afboekingen /            
  faillissementen ‑391     ‑211    
      ‑391     ‑211  
        203     382
  Saldo per 31 december     1.701     1.498

Gemiddelde rentepercentages leningen

De volgende gemiddelde rentepercentages voor leningen <1 jaar, 1-5 jaar en > 5 jaar zijn in 2019 bij de NOM gehanteerd:

< 1 jaar 9,5%   (2018: 9,0%)
1-5 jaar 9,6%   (2018: 9,7%)
> 5 jaar 9,9%   (2018: 9,5%)

 

Vlottende activa

6. Vorderingen en overlopende activa

6. Vorderingen en overlopende activa
      2019     2018
Te vorderen subsidie inzake            
apparaatskosten   1.045     1071  
Debiteuren   832     834  
Projecten   121     231  
Escrows   568        
Te vorderen belastingen   185     559  
Vordering leningen LGO Drenthe   400     -  
Overige vorderingen   194     42  
      3.345     2.737

Debiteuren

Debiteuren
      2019     2018
             
Uitstaande vorderingen   832     834  
Voorziening oninbaarheid   -     -  
Stand per 31 december     832     834

Projecten

Projecten
      2019     2018
Inn2Power   14     10  
Food2020   25     82  
Bio-economie   27     127  
Smart Industry Hub   54        
Overige projecten   1     12  
Stand per 31 december     121     231

In de vorderingen en overlopende activa is een bedrag van € 499.291 (projecten en LGO Drenthe) inbegrepen, die betrekking heeft op een periode langer dan één jaar (2018: € 231.170).

7. Liquide middelen

Voor een verklaring van de mutatie van het saldo liquide middelen (€ 26,8 miljoen) wordt verwezen naar het geconsolideerd kasstroomoverzicht. In de liquide middelen zijn de volgende deposito’s begrepen:

7. Liquide middelen
Looptijd tot 2019 2018
Rekening zonder vaste looptijd € 3,6 miljoen € 3,6 miljoen
Rekening zonder vaste looptijd € 3,3 miljoen € 8,3 miljoen
Rekening zonder vaste looptijd € 7,0 miljoen € 7,0 miljoen
  € 13,9 miljoen € 18,9 miljoen

De deposito’s zijn direct opeisbaar, evenals de liquide middelen.
Het gemiddelde rendement op de liquide middelen bedraagt 0% (2018: 0%).

8. Groepsvermogen

Voor een toelichting wordt verwezen naar de toelichting op de vennootschappelijke balans.

8. Groepsvermogen

9. Voorzieningen

Het verloop van de voorziening dienstjubilea in het verslagjaar was als volgt:

9. Voorzieningen
      2019     2018
Stand per 1 januari     93     91
Dotatie ten laste van winst- en verliesrekening 14     13    
Jubileumuitkeringen ‑21     ‑11    
      ‑7     2
Stand per 31 december     86     93

De voorziening dienstjubilea is gevormd ten behoeve van toekomstige uitkeringen inzake 10- en 20-jarige dienstjubilea. De voorziening is opgenomen voor de personeelsleden, die voor de pensioendatum het jubileum kunnen halen. Daarbij is op basis van de leeftijd van de werknemers rekening gehouden met de kans dat het dienstverband voor het bereiken van 10- en 20 jarige jubileum wordt beëindigd. De voorziening is opgenomen voor de aan de verstreken dienstjaren toe te rekenen verplichting. Van de voorziening is een bedrag van € 11.614 als kortlopend (korter dan 1 jaar) aan te merken.

10. Langlopende schulden

10. Langlopende schulden
      2019     2018
Lening LGO Drenthe   3.252     -  
Verstrekte fin. arrangementen   400     -  
      3.652     -

Onder de langlopende schulden is een bedrag van € 3.651.734 verantwoord. In 2018 is een lastgevingsovereenkomst met de Provincie Drenthe overeengekomen ten hoogte van € 3.500.000 en voor de duur van 10 jaar (tot 31 december 2028). Dit saldo is uitgebreid met € 140.000 in 2019. In 2019 is er vanuit dit saldo en conform de afspraken uit de lastgevingsovereenkomst een bedrag van € 400.000 aan financiële arrangementen verstrekt. Daarnaast is het saldo gemuteerd door ontvangen rente op deze verstrekte financiële arrangementen (€ 22.867) en de kosten voor het beheer door de NOM (- € 11.133). 

11. Kortlopende schulden

11. Kortlopende schulden
      2019     2018
Belastingen en sociale            
verzekeringen   501     414  
Reservering vakantietoeslag   145     138  
Reservering vakantiedagen   119     114  
Nog te betalen kosten   -     -  
Projecten   1.524     2.936  
Crediteuren   108     143  
Pensioenen   68     70  
Lening Provincie Drenthe   -     3.500  
Overige schulden   34     189  
      2.499     7.504

In de kortlopende schulden wordt er een bedrag van € 489.983 (2018: € 2.925.540) verantwoord, zijnde de projecten die, in de meeste gevallen, een looptijd van langer dan 1 jaar hebben. 

Financiële instrumenten

Algemeen

De NOM maakt in de normale bedrijfsuitoefening gebruik van financiële instrumenten die in de balans zijn opgenomen. De NOM handelt niet in deze financiële instrumenten en heeft procedures en gedragslijnen om de omvang van het kredietrisico bij elke tegenpartij of markt te beperken. Bij het niet-nakomen door een tegenpartij van aan de NOM verschuldigde betalingen blijven eventuele daaruit voortvloeiende verliezen beperkt tot de waarde van de desbetreffende posten.

Kredietrisico

De vorderingen uit hoofde van leningen zijn niet in overwegende mate geconcentreerd bij één of enkele participaties en overige ondernemingen. Bij deze leningen is sprake van een vast rentepercentage over de gehele looptijd. De leningen worden aangehouden tot het einde van de looptijd. De onderneming heeft derhalve als beleid om geen afgeleide financiële instrumenten te gebruiken om (tussentijdse) rentefluctuaties te beheersen.

Renterisico

Het renterisico is beperkt tot eventuele veranderingen in de marktwaarde van opgenomen en uitgegeven leningen.

Marktwaarde

De marktwaarde van de in de balans verantwoorde financiële instrumenten, waaronder leningen, liquide middelen en kortlopende schulden, benadert de boekwaarde ervan.

Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen

Claims

De NOM heeft tegen een onderneming een claim ingediend van € 1,5 miljoen, die door deze onderneming wordt betwist. Hoewel de afloop van deze geschillen niet met zekerheid kan worden voorspeld, wordt – mede op grond van ingewonnen juridisch advies – aangenomen dat deze geen nadelige invloed van betekenis zal hebben op de geconsolideerde financiële positie, anders dan waarvoor een voorziening is gevormd.

Optierechten

Bij een aantal participaties heeft de NOM aan medeaandeelhouders het recht van aankoop op de door de NOM gehouden aandelen verleend (call optie). Tevens heeft de NOM in sommige gevallen het recht bedongen haar aandelen aan medeaandeelhouders te kunnen verkopen (put optie). Het totaalbedrag van deze opties bedraagt ca. € 2,5 miljoen (2018: € 2,7 miljoen). De NOM heeft in 2019 geen verplichtingen bij verkoop van aandelen (2018: geen verplichtingen).

Garanties

Er zijn ultimo 2019 geen openstaande garanties.

Lease

Er zijn ultimo 2019 geen leasecontracten.

Huur

Voor het kantoorpand aan de Paterswoldseweg 810 te Groningen is per 1 november 2014 een huurovereenkomst aangegaan voor de duur van 5 jaar. De huurovereenkomst is per 1 november 2019 met 5 jaar verlengd (incl. 6 huurvrije maanden). De restantverplichting op balansdatum bedraagt circa € 0,8 miljoen, waarvan circa € 0,1 miljoen betrekking heeft op het volgende boekjaar.

Stortingsverplichtingen

Ultimo 2019 staat er een bedrag van € 12,2 miljoen aan stortingsverplichtingen voor participaties en/of leningen u/g aan 34 ondernemingen gereserveerd.

Additionele financiering

In 2016 is er met de subsidiënten een additionele financiering op de exploitatiekosten van het Ontwikkelbedrijf van € 4,0 miljoen, voor de periode 2016 en volgende jaren, overeengekomen. In 2019 is de additionele financiering uitgekomen op € 874k (2018 € 967k). Voor 2020 resteert een op te vragen additionele financiering van € 724k.

Fiscaal verrekenbare verliezen

Het fiscaal compensabel verlies bedraagt ultimo 2019 € 18,9 miljoen. Aangezien het (nog) niet waarschijnlijk is dat toekomstige fiscale winst beschikbaar komt ter compensatie of dat verrekenmogelijkheden worden benut, is dit fiscaal compensabel verlies voorzichtigheidshalve gewaardeerd op nihil.

Fiscale eenheid

De N.V. NOM vormt een fiscale eenheid met de dochters Venture Kapitaal Fonds III B.V., Drentse Participatiemaatschappij B.V. en de Participatiemaatschappij Ondernemen Groningen B.V. voor vennootschapsbelasting en omzetbelasting en is daarom hoofdelijk aansprakelijk voor belastingschulden van de fiscale eenheid als geheel.

BTW

De N.V. NOM heeft bij de Belastingdienst de zaak omtrent het niet terug kunnen vorderen van BTW aanhangig gemaakt. De N.V. NOM is van mening (deels) met BTW belastbare prestaties te leveren. De Belastingdienst kan de beredenering en rekenmethodes van N.V. NOM volgen en heeft verzocht in 2020 suppletieaangiften in te dienen over de periode 2015 t/m 2019. Na acceptatie van de suppletieaangiften door de Belastingdienst mag N.V. NOM de rekenmethodes als akkoord beschouwen. Ultimo 2019 is er nog geen juiste inschatting te maken van het uiteindelijke aan de N.V. NOM toekomend bedrag.

Gebeurtenissen na balansdatum

De Covid-19 situatie raakt vele ondernemingen uit de portefeuille van de NOM. De NOM heeft naar aanleiding van de COVID-19 situatie een analyse gemaakt van de gehele NOM portefeuille. Op individueel post niveau is in overleg met de betreffende Investment Managers de situatie geanalyseerd op de volgende punten:

  • Uitstel verleend door NOM van rente en/of aflossing voor komende maanden (in het algemeen drie maanden)?;
  • Inschatting verwacht materieel omzetverlies;
  • Heeft ondernemer gebruik gemaakt van overheidsmaatregelen: NOW, uitstel belastingen, BMKB regeling?; 
  • Heeft ondernemer een overbruggingskrediet bij de bank aangevraagd?;
  • Is er een materieel continuïteit risico tussen nu en 3 maanden?;
  • Is er een aangepaste en actuele prognose ontvangen?

Daarnaast is een kwalitatieve inschatting van de situatie van de onderneming in de huidige situatie gemaakt.

Een groot aantal portefeuillebedrijven heeft inmiddels gebruik gemaakt van de mogelijkheid de rente-en aflossingsbetalingen aan de NOM met drie maanden uit te stellen. Het gaat daarbij om 19 portefeuillebedrijven en 22 leningen.

Uit de analyse blijkt dat bij een groot aantal portefeuillebedrijven het nog niet mogelijk is een goed onderbouwde voorspelling te doen van de werkelijke effecten, aangezien we nog aan het relatieve begin van de crisis periode zitten en het nog niet duidelijk is hoe lang die gaat duren en wat de economische en sociale impact zal zijn. Veel ondernemers hebben ook zelf de impact nog niet kunnen vaststellen en zijn nog onzeker over de effecten op termijn.

Bij vrijwel elk portefeuillebedrijf zien we een direct effect of op termijn van de huidige economische situatie. Hierbij zijn de effecten niet uitsluitend negatief, er zijn (gelukkig) ook bedrijven die conform verwachting presteren of zelfs beter dan verwacht presteren. Ook zijn er ondernemingen die nieuwe kansen zien door de huidige situatie en daar stappen in maken.

Door de uitkomsten uit bovenstaande analyse heeft de NOM besloten om van geen enkele onderneming de benaderde marktwaarde aan te passen, dan wel een extra voorziening te nemen ten opzichte van de situatie per 31 december 2019. In de loop van 2020 zullen we zien wat de werkelijke effecten per portefeuillebedrijf zijn. Op dit moment kunnen we in de meeste gevallen niet anders dan de beoordeling op basis van bekende gegevens per 31 december 2019 handhaven en zien hoe het jaar 2020 zich gaat ontwikkelen. We zullen de portefeuille bedrijven actief volgen en ze daarbij met de ons beschikbare middelen ondersteunen en adviseren. Hierdoor is het effect van COVID-19 op de NOM en haar werknemers op dit moment minimaal.

Op basis van de bekende informatie op het moment van opmaken van deze jaarrekening en de reeds bestaande overheidsmaatregelen die gericht zijn op het helpen van de ondernemers door deze crisis, verwachten wij de onderneming in continuïteit te kunnen blijven voortzetten. De situatie kan morgen echter anders zijn. De impact van de financiële gevolgen van het coronavirus COVID-19 voor de onderneming kan dan ook niet redelijkerwijs betrouwbaar worden ingeschat.

 

Toelichting op de geconsolideerde winst- en verliesrekening

Voor verwerking resultaat

Bedragen x € 1.000

12. Rente- en provisiebaten

12. Rente- en provisiebaten
      2019     2018
             
Rente leningen u/g   1.494     3.555  
Rente leningen Aanjaagfonds   337     330  
Rente op liquide middelen   -     -  
Provisies   13     28  
Provisies Aanjaagfonds   23     11  
Provisies Pre Seed Capital   -     -  
      1.867     3.924

13. Ontvangen dividenden

Gedurende het verslagjaar is € 816.630 aan dividenduitkeringen ontvangen (2018: € 2.829.276).

14. Opbrengst commissariaten

In 2019 had de NOM bij 4 participaties een zetel in de Raad van Commissarissen waarvoor een vergoeding in rekening is gebracht (2018: 6).

15. Resultaat verkopen participaties

15. Resultaat verkopen participaties
        2019     2018
  Gerealiseerde opbrengst            
  verkopen participaties   2.339     1.009  
Af: Aanschafwaarde            
  participaties   ‑1.215     ‑169  
        1.124     840
Bij: Vrijval voorziening     419     -
        1.543     840

16. Beheer fondsen

De NOM ontvangt een vergoeding voor het volledige beheer van de Friese Ontwikkelingsmaatschappij, MKB Fonds Drenthe, Investeringsfonds Groningen en GROEIfonds. Daarnaast voert de NOM voor G-Force Capital het administratieve beheer uit. De beheervergoeding is in 2019 uitgekomen op € 1.870.281 (2018: € 1.680.583).

17. Saldo van dotaties aan de voorziening voor financiële vaste activa

17. Saldo van dotaties aan de voorziening voor financiële vaste activa
      2019     2018
             
Dotatie/vrijval voorziening voor participaties   6.443     1.367  
Dotatie/vrijval voorziening voor vorderingen            
op participaties   1.512     4.204  
Dotatie aan voorziening voor overige            
vorderingen   ‑872     ‑909  
Dotatie aan voorziening Aanjaagfonds   594     593  
Dotatie aan voorziening Pre Seed Capital   -     ‑92  
Dotatie aan voorziening LGO Drenthe   -     -  
Dotatie voorziening dubieuze debiteuren            
m.b.t. participaties   -     -  
      7.677     5.163

18. Ministerie van Economische Zaken en Klimaat

De bijdrage van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat is een bijdrage in de exploitatie van het Ontwikkelingsbedrijf en bedraagt maximaal € 1.068.000 in 2019.

19. Additionele financiering

De additionele financiering ad. € 874.862 wordt in 2019 verantwoordt onder de Bijdrage Provincies en Gemeenten (2018: € 967.280).

20-21. Bijdrage Provincies en Gemeenten

De provincies Groningen, Fryslân en Drenthe dragen in totaal € 1.899.128 bij in de exploitatie van het Ontwikkelingsbedrijf (2018: € 1.992.000). Dit bedrag bestaat uit een bijdrage van € 525.000 in de apparaatskosten, € 300.000 projectfinanciering en € 200.000 bijdrage in de BD Clusterorganisaties. Van dit bedrag wordt € 100.000 doorgestort naar de BD clusters New Energy Coalition en Healthy Ageing Network Northern Netherlands. Daarnaast dragen de Provincies een additionele subsidiebijdrage van € 874.862 bij (zie 19).

Vanuit zes gemeenten wordt een bedrag € 63.000 bijgedragen in de kosten die worden gemaakt voor acquisitie.

22. Opbrengst Detachering

In 2019 is één werknemer deels gedetacheerd aan TCNN. De opbrengst van deze detachering bedraagt in totaal € 50.854.

23. Diensten aan derden

De diensten aan derden bestaan voornamelijk uit verricht projectmanagement voor derden.

24. Personeelskosten

In 2019 waren gemiddeld 48,9 FTE in dienst van de NOM, in 2018 waren dat gemiddeld 45,7 FTE. Alle personeelsleden waren werkzaam in Nederland. De personeelsomvang is als volgt te verdelen over de afdelingen:

      2019     2018
Investeren     20,2     19,0
Ontwikkelen     17,4     13,8
Projecten     1,6     3,4
Overhead (incl. administratie en communicatie)     9,7     9,5
      48,9     45,7

De personeelskosten zijn als volgt te specificeren:

      2019     2018
Salarissen   4.110     3.789  
Doorbelaste            
personeelskosten   ‑767     ‑586  
Sociale lasten   660     572  
Pensioenlasten   738     683  
Uitzendkrachten   17     43  
Vergoeding woon-werk   32     27  
Overige personeelskosten   211     195  
      5.001     4.723

Van het totaal aan personeelskosten heeft € 262.679 betrekking op het gesubsidieerde project Greenlincs. De doorbelaste personeelskosten bestaan met name uit doorbelasting van uren aan het IFNN B.V. , TCNN en doorbelasting van uren aan de projecten INN2Power, RoSF en Bio-Economie Groene Chemie.

Vanuit het Ontwikkelbedrijf is er € 22.500 doorbelast aan Finance in verband met uitgevoerde activiteiten voor het financieringsbedrijf (2018: € 52.571).

Bezoldiging directeur, plv. directeur en Raad van Commissarissen

De NOM past vrijwillig de Wet Normering Topinkomens toe (norm 2019: € 194.000).

      2019     2018
Directeur (tot 1 juni 2020)            
Belastbaar loon,            
incl. sociale premies*   92.686     174.031  
Pensioenbijdrage**   17.807     31.890  
Totaal     110.493     205.921
Directeur (vanaf 1 sep 2020)            
Belastbaar loon,            
incl. sociale premies   52.016        
Pensioenbijdrage**   6.748        
Totaal     58.764      
Plv. Directeur            
Belastbaar loon,            
incl. sociale premies*   166.031     167.248  
Pensioenbijdrage**   33.538     31.670  
Totaal     199.569     198.918

* Inclusief 100+ compensatie regeling.
** De pensioenregeling betreft een middelloonregeling, uitgaande van pensionering op de AOW-gerechtigde leeftijd. Er is geen systeem van prestatiebonussen van kracht.

Bezoldiging commissarissen
De bezoldiging van de commissarissen bedroeg in 2019 exclusief BTW € 48.000 (2018: € 48.000).
Ultimo 2019 waren 4 commissarissen aan de vennootschap verbonden (2018: 4).

Bezoldiging investment committee
De bezoldiging van de IC Leden bedroeg in 2019 exclusief BTW € 48.000 (2018: € 35.167).
Ultimo 2019 waren 4 IC leden aan de vennootschap verbonden (2018: 4).

25. Overige kosten

25. Overige kosten
      2019     2018
Algemene kosten   964     1.249  
Projectkosten   802     831  
Overige kosten   -     13  
      1.766     2.093

Onder de algemene kosten worden onder meer de kosten van huisvesting, automatisering, public relations en accountantskosten verantwoord. Een nadere specificatie van de accountantskosten wordt hieronder weergegeven. De projectkosten bestaan uit de onderzoeks- en beheerkosten van het Financieringsbedrijf en Fonds Support Noord, de acquisitiekosten van Foreign Direct Investment en de kosten van Business Development, Greenlincs en Flinc.

Accountantshonoraria

In het boekjaar zijn de volgende bedragen aan accountantshonoraria ten laste van het resultaat gebracht:

Accountantshonoraria
      2019     2018
Controle van de jaarrekening   89     109  
Fiscale advisering   69     48  
      158     157

26. Belastingen

26. Belastingen
      2019     2018
             
Resultaat vóór belastingen   ‑5.250     662  
             
Latente vennootschapsbelasting   -     -  
Acute vennootschapsbelasting huidig boekjaar   -     -  
Vennootschapsbelasting voorgaande boekjaren   -     -  
             
Belasting over het resultaat     -     -

Voor 2019 is de belastingdruk negatief en wijkt hiermee af van de nominale belastingdruk van 20-25%. Dit wordt met name veroorzaakt door baten die vallen onder de deelnemingsvrijstelling.

Transacties met verbonden partijen

Van transacties met verbonden partijen is sprake wanneer een relatie bestaat tussen de onderneming, haar deelnemingen en hun bestuurders en leidinggevende functionarissen.

Er hebben zich geen transacties met verbonden partijen voorgedaan op niet zakelijke grondslag.

Toelichting op het geconsolideerd kasstroomoverzicht

Toelichting op de kasstromen
Het saldo liquide middelen van de NOM is gedurende het boekjaar 2019 met € 5,2 miljoen gedaald, tot € 26,8 miljoen. Lagere dividenden en opbrengsten en een hogere voorziening, zorgen voor een negatieve kasstroom uit operationele activiteiten. De kasstroom uit investeringsactiviteiten is eveneens negatief door onder meer de investeringen in participaties (€ 10,8 miljoen). 

 

Enkelvoudige balans

Voor verwerking resultaat (bedragen x € 1.000)

      2019     2018
Activa            
Materiële vaste activa            
Inventaris 27   29     53  
      29     53
             
Financiële vaste activa            
Deelnemingen 28   22.299     22.314  
Overige effecten en vorderingen 29 t/m 32   29.684     31.690  
      51.983     54.004
Vlottende activa            
Vorderingen en overlopende activa 33   3.345     2.715  
Liquide middelen 34   26.425     31.619  
      29.770     34.334
             
Totaal activa     81.782     88.391
             
Passiva            
Eigen Vermogen            
Gestort en opgevraagd kapitaal 35   51.900     51.900  
Overige reserves 36   7.706     7.044  
Onverdeelde winst 37   ‑5.250     662  
      54.356     59.606
Voorzieningen            
Personeelsvoorzieningen 38     86     93
             
Langlopende schulden 39     3.652      
             
Kortlopende schulden 40     23.688     28.692
           
Totaal passiva     81.782     88.391

Enkelvoudige winst- en verliesrekening

      2019     2018
             
Resultaat uit deelnemingen   ‑15     ‑1  
Vennootschappelijk resultaat na belastingen   ‑5.235     663  
Resultaat na belastingen     ‑5.250     662

Toelichting behorende tot de enkelvoudige jaarrekening 2019

De enkelvoudige jaarrekening maakt deel uit van de jaarrekening 2019 van de onderneming. Ten aanzien van de enkelvoudige winst- en verliesrekening van de onderneming is gebruik gemaakt van de vrijstelling ingevolge artikel 2:402 BW.

Voor zover posten uit de enkelvoudige balans en enkelvoudige winst- en verliesrekening hierna niet nader zijn toegelicht, wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans en winst- en verliesrekening.

Vergelijking met voorgaand jaar

De gehanteerde grondslagen van waardering, van resultaatbepaling en van presentatie zijn ongewijzigd ten opzichte van vorig jaar, zoals opgenomen in de toelichting behorende tot de geconsolideerde jaarrekening.

Grondslagen voor de waardering

Grondslagen voor de waardering van activa en passiva en de resultaatbepaling
De grondslagen voor de waardering van activa en passiva en de resultaatbepaling zijn gelijk aan die voor de geconsolideerde balans en winst- en verliesrekening, met uitzondering van het volgende:

Resultaat deelnemingen
Het aandeel in het resultaat van ondernemingen waarin wordt deelgenomen omvat het aandeel van de onderneming in de resultaten van deze deelnemingen.

 

Toelichting op de enkelvoudige balans

27. Inventaris

Voor een toelichting wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans.

28. Deelnemingen

De deelnemingen in VKF III B.V., DPM B.V. en POG B.V. worden gewaardeerd tegen netto vermogenswaarde. Het verloop gedurende het boekjaar was als volgt:

28. Deelnemingen
        2019     2018
               
  Stand per 1 januari   22.314     22.315  
Bij: Resultaat deelnemingen   ‑15     ‑1  
  Saldo per 31 december     22.299     22.314

29. Participaties

Het verloop van de participaties was als volgt:

        2019     2018
  Verkrijgingswaarde per            
  1 januari     31.495     37.005
Bij: Nieuwe participaties 1.831   788  
  Uitbreidingen / conversies 7.680     814    
      9.511     1.602  
Af: Faillissementen /            
  afboekingen ‑5.704     ‑6.943    
  Vervreemde participaties ‑1.214     ‑169    
      ‑6.918     ‑7.112  
        2.593     ‑5.510
  Nominaal bedrag            
  per 31 december     34.088     31.495
Af: Voorziening     ‑14.722     ‑14.406
        19.366     17.089

Het verloop van de voorziening op de participaties was als volgt:

        2019     2018
               
  Voorziening per 1 januari     14.406     19.951
Bij: Vrijval/dotatie t.l.v. resultaat            
  i.v.m. waardeveranderingen 6.439     1.398    
      6.439     1.398  
Af: Vrijval door            
  desinvesteringen /            
  afboekingen /            
  faillissementen ‑6.123     ‑6.943    
      ‑6.123     ‑6.943  
        316     ‑5.545
  Voorziening            
  per 31 december     14.722     14.406

30. Vorderingen op participaties

Dit betreffen (converteerbare) achtergestelde leningen verstrekt in combinatie met een participatie in het aandelenkapitaal. Het verloop van deze post was in het verslagjaar als volgt:

30. Vorderingen op participaties
        2019     2018
  Nominaal bedrag            
  per 1 januari     18.573     16.399
Bij: Nieuwe leningen 5.795     5.704    
  Uitbreiding leningen 1.025     1.571    
  Herstel gecorrigeerde rente            
  voorgaande jaren 385     822    
  Bijgeschreven rente 703     598    
      7.908     8.695  
Af: Aflossingen ‑2.844     ‑1.427    
  Omzetting lening            
  naar Aanjaagfonds ‑60     -    
  Ontvangen rente            
  voorgaande jaren ‑272     -    
  Doorplaatsing / conversie ‑4.678     -    
  Afboekingen /            
  faillissementen ‑4.236     ‑5.094    
      ‑12.090     ‑6.521  
        ‑4.182     2.174
  Nominaal bedrag            
  per 31 december     14.391     18.573

Het verloop van de voorziening op de vorderingen was als volgt:

        2019     2018
               
  Voorziening per 1 januari     9.780     9.675
Bij: Dotatie t.l.v. resultaat i.v.m.            
  waardeveranderingen 1.511     4.204    
      1.511     4.204  
Af: Vrijval door            
  desinvesteringen / afboekingen            
  / faillissementen ‑4.237     ‑4.921    
Bij: Herstel gecorrigeerde voorziening            
  voorgaande jaren 385     822    
      ‑3.852     ‑4.099  
        ‑2.341     105
  Voorziening            
  per 31 december     7.439     9.780

31. Overige leningen u/g

Het verloop van de participaties was als volgt:

31. Overige leningen u/g
        2019     2018
  Nominaal bedrag per            
  1 januari     9.845     6.338
Bij: Nieuwe leningen -     -    
  Uitbreiding leningen -     -    
  Herstel gecorrigeerde rente            
  voorgaande jaren 3.290     1221    
  Bijgeschreven rente 613     2.286    
      3.903     3.507  
Af: Aflossingen ‑3.421     -    
  Afboekingen /            
  faillisementen ‑9.451     -    
      ‑12.872     -  
        ‑8.969     3.507
  Saldo per 31 december     876     9.845
Af: Voorziening     -     ‑6.424
        876     3.421

Dit betreft achtergestelde leningen aan bedrijven waarin de NOM niet participeert in het aandelenkapitaal.

Het verloop van de voorziening op de overige leningen u/g was als volgt:

        2019     2018
               
  Voorziening per 1 januari     6.424     6.338
Bij: Vrijval/dotatie t.l.v. resultaat i.v.m.            
  waardeveranderingen ‑876     ‑1.135    
      ‑876     ‑1.135  
Af: Vrijval door            
  desinvesteringen / afboekingen            
  / faillissementen ‑9.450     -    
  Herstel gecorrigeerde voorziening            
  voorgaande jaren 3.902     1.221    
      ‑5.548     1.221  
        ‑6.424     86
  Saldo per 31 december     -     6.424

Een overzicht van de participaties en leningen u/g per 31 december 2019 is vermeld in de bijlagen.

32. Aanjaagfonds

Voor een toelichting wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans.

33. Vorderingen en overlopende activa

33. Vorderingen en overlopende activa
      2019     2018
Te vorderen subsidie inzake            
apparaatskosten   1.045     1.071  
Debiteuren   832     834  
Projecten   121     231  
Escrows   568        
Te vorderen belastingen   185     559  
Vordering leningen LGO Drenthe   400     -  
Overige vorderingen   194     42  
      3.345     2.737

In de vorderingen en overlopende activa is een bedrag van € 499.291 (projecten en LGO Drenthe) begrepen, die betrekking heeft op een periode langer dan één jaar (2018: € 231.170).

34. Liquide middelen

Voor een verklaring van de mutatie van het saldo liquide middelen wordt verwezen naar het geconsolideerd kasstroomoverzicht. In de liquide middelen zijn de volgende deposito’s begrepen:

34. Liquide middelen
Looptijd tot 2019 2018
Rekening zonder vaste looptijd € 3,6 miljoen € 3,6 miljoen
Rekening zonder vaste looptijd € 3,3 miljoen € 8,3 miljoen
Rekening zonder vaste looptijd € 7,0 miljoen € 7,0 miljoen
  € 13,9 miljoen € 18,9 miljoen

De deposito’s zijn direct opeisbaar evenals de overige liquide middelen.

Het gemiddelde rendement op de liquide middelen bedraagt 0% (2018: 0,0%).

Passiva

35. Gestort en opgevraagd kapitaal

35. Gestort en opgevraagd kapitaal
57.186 Aandelen A nominaal € 453,78 25.950
57.186 Aandelen B nominaal € 453,78 25.950
  51.900

De verdeling van het aandelenkapitaal per 31 december 2019 is als volgt:

Staat der Nederlanden 50,00%
Provincie Groningen 16,66%
Provincie Fryslân 16,67%
Provincie Drenthe 16,67%
  100,00%

36. Overige reserves

36. Overige reserves
        2019     2018
               
  Saldo begin boekjaar     7.044     852
Bij: Winstbestemming: resultaat            
  voorgaand jaar   662     6.192  
        662     6.192
Af: Dividenduitkering   -     -  
Af: Nog te betalen dividend   -     -  
        -     -
  Saldo per 31 december     7.706     7.044

37. Onverdeelde winst

Het verloop in het verslagjaar is als volgt:

37. Onverdeelde winst
        2019     2018
  Stand per 1 januari     662     6.192
Af: Winstbestemming   ‑662     ‑6.192  
Bij: Resultaat boekjaar na belastingen   ‑5.250     662  
        ‑5.912     ‑5.530
  Saldo per 31 december     ‑5.250     662

Voorstel resultaatbestemming

De directie stelt voor om het verlies ad € 5.250.769 uit de algemene reserves te onttrekken.

38. Personeelsvoorzieningen

Voor een toelichting wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans.

39.Langlopende schulden

39.Langlopende schulden
      2019     2018
Lening LGO Drenthe   3.252     -  
Verstrekte fin. arrangementen   400     -  
      3.652     -

Onder de langlopende schulden is een bedrag van € 3.651.734 verantwoord. In 2018 is een lastgevingsovereenkomst met de Provincie Drenthe overeengekomen ten hoogte van € 3.500.000 en voor de duur van 10 jaar (tot 31 december 2028). Dit saldo is uitgebreid met € 140.000 in 2019. In 2019 is er vanuit dit saldo en conform de afspraken uit de lastgevingsovereenkomst een bedrag van € 400.000 aan financiële arrangementen verstrekt. Daarnaast is het saldo gemuteerd door ontvangen rente op deze verstrekte financiële arrangementen (€ 22.867) en de kosten voor het beheer door de NOM (- € 11.133). 

40. Kortlopende schulden

40. Kortlopende schulden
      2019     2018
Belastingen en sociale            
verzekeringen   501     414  
Reservering vakantietoeslag   145     138  
Reservering vakantiedagen   119     114  
Nog te betalen kosten   -     -  
Projecten   1.524     2.936  
Crediteuren   108     143  
Overige schulden   ‑100     53  
Pensioenen   68     71  
Lening Provincie Drenthe   -     3.500  
Rekening courant VKF III   21.323     21.323  
      23.688     28.692

In de kortlopende schulden wordt er een bedrag van € 489.983 (2018: € 2.925.540) verantwoord, zijnde de projecten die, in de meeste gevallen, een looptijd van langer dan 1 jaar hebben. 

Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen

Claims

Voor een toelichting wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans.

Optierechten

Bij een aantal participaties heeft de NOM aan medeaandeelhouders het recht van aankoop op de door de NOM gehouden aandelen verleend (call optie). Tevens heeft de NOM in sommige gevallen het recht bedongen haar aandelen aan medeaandeelhouders te kunnen verkopen (put optie). Het totaalbedrag van deze opties bedraagt ca. € 2,5 miljoen (2018: € 2,7 miljoen). De NOM heeft in 2019 geen verplichtingen bij verkoop van aandelen (2018: geen verplichtingen).

Garanties

Er zijn ultimo 2019 geen openstaande garanties.

Lease

Ultimo 2019 zijn er geen leasecontracten.

Huur

Voor het kantoorpand aan de Paterswoldseweg 810 te Groningen is per 1 november 2014 een huurovereenkomst aangegaan voor de duur van 5 jaar. De huurovereenkomst is per 1 november 2019 met 5 jaar verlengd (incl. 6 huurvrije maanden). De restantverplichting op balansdatum bedraagt circa € 0,8 miljoen, waarvan circa € 0,1 miljoen betrekking heeft op het volgende boekjaar.

403-verklaring

Inzake alle 100% geconsolideerde deelnemingen is een 403-verklaring afgegeven (artikel 2:403 van het Burgerlijk Wetboek). Hiermee is de N.V. NOM hoofdelijk aansprakelijk voor alle openstaande en latere schulden uit rechtsverhoudingen aangegaan door de dochters Venture Kapitaal Fonds III B.V., Drentse Participatiemaatschappij B.V. en Participatiemaatschappij Ondernemend Groningen B.V.

Fiscale eenheid

De N.V. NOM vormt een fiscale eenheid met de dochters Venture Kapitaal Fonds III B.V., Drentse Participatiemaatschappij B.V. en de Participatiemaatschappij Ondernemen Groningen B.V. voor vennootschapsbelasting en omzetbelasting en is daarom hoofdelijk aansprakelijk voor belastingschulden van de fiscale eenheid als geheel.

Stortingsverplichtingen

Ultimo 2019 staat er een bedrag van € 12,2 miljoen aan stortingsverplichtingen voor participaties en/of leningen u/g aan 34 ondernemingen gereserveerd.

Additionele financiering

In 2016 is er met de subsidiënten een additionele financiering op de exploitatiekosten van het Ontwikkelbedrijf van € 4,0 miljoen, voor de periode 2016 en volgende jaren, overeengekomen. In 2019 is de additionele financiering uitgekomen op € 874k (2018 € 967k). Voor 2020 resteert een op te vragen additionele financiering van € 724k.

BTW

De N.V. NOM heeft bij de Belastingdienst de zaak omtrent het niet terug kunnen vorderen van BTW aanhangig gemaakt. De N.V. NOM is van mening (deels) met BTW belastbare prestaties te leveren. De Belastingdienst kan de beredenering en rekenmethodes van N.V. NOM volgen en heeft verzocht in 2020 suppletieaangiften in te dienen over de periode 2015 t/m 2019. Na acceptatie van de suppletieaangiften door de Belastingdienst mag N.V. NOM de rekenmethodes als akkoord beschouwen. Ultimo 2019 is er nog geen juiste inschatting te maken van het uiteindelijke aan de N.V. NOM toekomend bedrag.

Toelichting op de vennootschappelijke winst- en verliesrekening

Gemiddeld aantal werknemers

Gedurende het jaar 2019 waren er gemiddeld 52,5 (48,9 fte) medewerkers in dienst (2018: 50 - 45,7 fte).

In 2019 waren er 0 werknemers werkzaam buiten Nederland (2018: 0).

Het resultaat uit deelnemingen betreft het saldo van de resultaten van Venture Kapitaal
Fonds III B.V., B.V. Drentse Participatiemaatschappij en Participatiemaatschappij Ondernemend Groningen B.V.


Groningen, 10 april 2020


 

Directie

  • Mw. D. Boonstra

Raad van Commissarissen

  • Prof. Dr. Ir. R. Rabbinge, Voorzitter
  • B. P. Woldring
  • Mr. S.E. Korthuis
  • Mw. A.M.C. Kuks
  • Drs. J. Kruse (non-voting member)